Betwist Erfgoed

Op 14 juni 2017 nam Stichting Reis van de Razzia deel aan de NWA Onderzoeksroute Levend Verleden

Verkennende expertmeeting 14 juni 2017. Eindredactie: Hester Dibbits en Patricia Alkhoven

Met experts om tafel

Op 14 juni 2017 worden in de Reinwardt Academie de eerste stappen gezet van de onderzoeksroute Levend Verleden. Experts vanuit heel Nederland, uit zowel de wetenschappelijke sector als de erfgoedsector, komen bijeen om te praten over erfgoed. Alle gesprekken draaien om de centrale vraag ‘wat brengt het verleden in de samenleving en toegepast voor de samenleving?’ Het thema Levend Verleden is een van de 25 onderzoeksroutes van de Nationale Wetenschapsagenda (http://www.wetenschapsagenda.nl). Deze 25 routes hebben als doel om wetenschappelijke, maatschappelijke en economische vraagstukken in de samenleving om te zetten in onderzoekbare thema’s.

Het startpunt van deze onderzoeksroute is de expertmeeting op de Reinwardt Academie. De dag diende als verkennende inventarisatie, ter ondersteuning van een verdere ontwikkeling van de onderzoeksroute. Dit rapport is een verslag en inventarisatie van de rijke inzichten en inspirerende cases van de expertsessies en dient als bewegwijzering voor de start van de onderzoeksroute. De intentie is om een gelaagde aanzet te geven, die vanuit de onderzoeksroute verder uitgezet kan worden.

Het thema levend verleden wordt behandeld in het licht van een drietal ontwikkelingen of vraagstukken; de ervaren versnelling van de tijd en daaraan verbonden vraagstukken rond duurzaamheid, de opkomst van citizen science en de veranderende rol van de expert , en de omgang met schuring, meerstemmigheid en het idee van inclusiviteit binnen de erfgoedsector in een pluriforme samenleving. Inzicht in het verleden en de omgang met het verleden zorgen ervoor dat we vraagstukken in een breder (tijds)perspectief kunnen zien, zaken kunnen relativeren en onze eerdere ervaringen kunnen benutten voor huidige en komende opgaven en deze ervaringen kunnen overbrengen aan toekomstige generaties. Deze benadering van erfgoed kiest er dus voor om erfgoed als levend – interpretatief, flexibel, veranderlijk – te beschouwen in plaats van statisch, gevestigd en bepaald. Het verleden is niet dood, het verleden leeft en wordt telkens opnieuw van betekenis voorzien. Met de route Levend Erfgoed wordt ernaar gestreefd om de betekenis van het verleden in en voor een innovatieve samenleving zichtbaar maken via een integrale en participatieve benadering.

De verkenning zoekt specifiek naar erfgoed in een breder anti-presentistisch tijdsperspectief, naar alternatieve scenario’s voor de omgang met erfgoed en creatieve oplossingen voor maatschappelijke opgaven. Deze middag dient als opstapje dat leidt naar de verdere opzet van de onderzoeksroute. Uiteindelijk streeft deze route ernaar om nieuwe instrumenten te ontwikkelen die zowel het in kaart brengen van de gecompliceerde omgang met erfgoed ondersteunen als de bijdrage richting de toekomst te vergroten.

Het volle middagprogramma wordt gestart met een inleidende presentatie en casestudie. Hier presenteren Hester Dibbits (Boegbeeld Leven Verleden) en Patricia Alkhoven (Routetrekker LV), een drietal gamechangers; duurzaamheid en temporaliteit in een veranderende samenleving, de burger als expert en betwist (‘contested’) erfgoed.

Als opmaat presenteren Wilma Gijsbers en Judith van der Elst een plan voor een interdisciplinair onderzoeksproject rond de historische handel in ossen. Gijsbers en Van der Elst laten zien hoe digitale visualisaties van gekoppelde data rond concrete historische verschijnselen kunnen bijdragen aan een beter begrip van onze samenleving. De omgang met dieren, veranderende ideeën over voedsel, de relatie met het landschap, culturele uitwisseling: het zijn grote thema’s waar het project Oxen along the digital highway in Europe nieuw licht op kan werpen.

Duurzaamheid en erfgoed

‘Duurzaamheid en erfgoed’, de eerste gamechanger, gaat niet over carbon footprints, maar gaat over een toekomstgerichte omgang met materiële en immateriële overblijfselen uit het verleden. Duurzaamheid van kennis is niet enkel een cultureel fenomeen, maar kent ook een economische component. Denk bijvoorbeeld aan het verdwijnen van bepaalde ambachten, omdat de ambachten geen economische relevantie meer hebben. Daarnaast is er ook duurzaamheid van het digitale, hoe kunnen organisatiestructuren in digitaal erfgoed gereguleerd worden? Aan tafel een en twee worden duurzaamheid en temporaliteit besproken aan de hand van een reeks thema’s; omgang met historisch gegroeide verzamelingen, langetermijnperspectief door digitalisering, hergebruik data en objecten en het belang van behoud van kennis. Deze verslagen zijn te vinden in hoofdstuk een en twee van dit rapport.

De burger als expert

De burger als expert, de tweede gamechanger, wordt gerelateerd aan de relatie tussen burger en professional, het publieke debat, embodied knowledge en het versmelten van de rol van producent en consument. Embodied knowledge wordt gedefinieerd als ‘ervaring als kennis’. Hoe kunnen we dit soort kennis waarderen? En wat betekent dit voor de professional? Wie draagt verantwoordelijkheid, hoe verenigen we kennisbronnen? Hoe kunnen we deze kennis inzetten voor big data; geschiedenis als toegankelijke ‘bron’ om patronen, trends en ontwikkelingen voor de toekomst mee te meten? Daarnaast is er een merkbare verandering van crowd-sourcing naar het meer lokaal geënte citizen science, waarbij burgers via lokale initiatieven en digitale platforms bijdragen aan de beschikbare kennis van het verleden. Wat betekenen dit soort ontwikkelingen voor emancipatie en democratisering? En hoe trekken we dit door naar de toekomst? De bespreking van deze topics is terug te vinden in hoofdstuk drie en vier.

betwist erfgoed

De laatste gamechanger ‘betwist erfgoed’, wordt besproken aan tafel vijf en deel zes. Topics die worden uitgelicht zijn de diversiteit in omgang met het verleden, meerstemmigheid, polarisering, politisering en logischerwijs: conflict. Hoe kunnen we vanuit de vaak emotioneel geladen processen en claims die regelmatig met moeilijk erfgoed gepaard gaan, komen tot het overbruggen van culturele verschillen? Historisch besef is belangrijk, maar welke didactische en educatieve instrumenten kunnen hiervoor worden ingezet? Hoe maken we duidelijk dat erfgoed een tijdelijk en divers construct van betekenisgeving in een sociaal proces is, in plaats van een statisch product? Wat als erfgoedgrenzen of definities conflicteren? De schreeuw om transparantie raakt ook het academisch onderzoek, dat evenzogoed niet in isolement plaats kan vinden.

(Deze tekst betreft de inleiding van het rapport)

Cultuurdragers van de Tijd

Op 13 juni heeft een groep Pabo studenten een  testvoorstelling gegeven van het project ‘Cultuurdragers van de Tijd’.

Zij hebben de presentatie voorbereid geinspireerd door ‘De evolutie van sociale bewegingen, de ontwikkeling van jezelf’. Bij de voorbereiding werd meegenomen dat Jeremy Corbyn en Labour veel stemmen hebben geworven onder jonge kiezers, en dat op 27 juni in Den Haag gedemonstreerd zal worden voor betere arbeidsvoorwaarden door onderwijzers. De test zal uitwijzen of het project geschikt is om in te dienen bij het vfonds, als onderdeel van de call 2018 Verzet!

https://www.vfonds.nl/call-verzet/

(foto’s van de voorstelling op de Pabo Alkmaar)

Bad New Days: Art, Criticism, Emergency

Bad New Days: Art, Criticism, Emergency

The title of Hal Foster’s new book Bad New Days: Art, Criticism, Emergency is drawn from an oft-quoted maxim of Bertolt Brecht’s: “Don’t start with the good old days, but the bad new ones.”


Fragments of an article by  POSTED 09/08/15 12:30 PM ARTNEWS.com


The second chapter, “Archival,” a version of which was also previously published in October, in 2004, as “An Archival Impulse,” considers the work of Thomas Hirschhorn, Tacita Dean, Joachim Koester, and Sam Durant, artists who take up the role of archivist, recuperating lost or marginal historical events and figures as a “gesture of alternative knowledge or counter memory.”

Foster links these practices to a “will to connect what cannot be connected,” in Hirschhorn’s words, an impulse he relates to Freud’s characterization of the paranoiac’s tendency to project private meanings and oblique connections onto a world “ominously drained of all significance.” Foster suggests that such projects contain a utopian core, a move away from a reading of history as merely traumatic toward one in which cultural memory is made productive, marshalled toward the creation of new associations and encounters.

Samenvatting Eindverslag Project Reis van de Razzia

Verbinden

Met het project Reis van de Razzia heeft de gelijknamige stichting een relatief onbekend onderwerp op de kaart gezet en zo een bijdrage geleverd aan de geschiedschrijving. Door nieuwsbrieven te versturen en door onze presentaties tijdens de herdenkingen heeft de stichting een rol gespeeld in het verbinden van mensen die onder de razzia hebben geleden.  Wij hebben daarnaast een aantal razziaveteranen in staat kunnen stellen om hun verhaal te doen in lokale en landelijke media. Reis van de Razzia is daarnaast tot in de verre toekomst te raadplegen door duurzame archivering in DANS.


Planning

De planning die we in de het projectvoorstel hebben voorgesteld is daadwerkelijk gehaald. De 70-jarige herdenking was een deadline die absoluut vaststond en samen met de partners DANS en NIOD hebben wij daar strak naar toe gewerkt. Reis van de Razzia ging vanaf 10 november open voor het publiek. Op die dag werd Reis van de Razzia officieel opengesteld door burgemeester Aboutaleb in het bijzijn van zo’n 70 getuigen, een aantal kinderen, scholieren en de pers. Ruim van te voren hebben we de getuigen en hun kinderen aangeschreven met de nieuwsbrief waardoor we ook de families van de getuigen bij het gebeuren hebben kunnen betrekken.


Publieksbereik

De mediacampagne in de pers rond Reis van de Razzia was een succes en heeft het onderwerp bij het grote publiek op de kaart gezet. We hebben een eenmalig publieksbereik gehad van 3.6 miljoen mensen. De platformen waarop Reis van de Razzia is te vinden zijn stabiel door persistent identifiers. Ze zullen het publiek weliswaar in lage aantallen trekken, maar op de zeer lang termijn zullen de ‘kijkcijfers’ aanzienlijk zijn.


Bekijk hier het Eindverslag RvdR samenvatting

Ontwerp expositiemodule Stadskazerne Kampen

Reis van de Razzia in Kampen


Op 13 november 1944 arriveerde bijvoorbeeld grote stroom gedeporteerden uit Rotterdam per schip in Kampen. De Van Heutszkazerne in die plaats werd op dat moment beheerd door de Duitse bezetter, die er grote groepen dwangarbeiders op doorreis naar Duitsland in wilde onderbrengen. De kazerne werd op slag overbevolkt en de situatie voor de Rotterdammers was schrijnend. Er was weinig voedsel en de hygiënische omstandigheden waren erbarmelijk. Veel Rotterdammers werden ziek.

De reacties van de Kampenaren waren in veel gevallen hartverwarmend. Ze reikten voedsel en drinken aan en assisteerden zelfs bij ontsnappingen. Het Rode Kruis speelde een belangrijke rol bij het verzorgen van zieken, bij ontsnappingen en bij het in toom houden van de Duitse bezetter. Na de oorlog uitten de Rotterdammers hun dankbaarheid aan de Kampenaren en ook aan de bewoners van Wezep door bezoeken af te leggen en door schenkingen te doen. De band tussen Kampenaren en Rotterdammers kan na 70 jaar opgehaald worden, zo blijkt uit een groot artikel in de Stentor over het Oral History project Reis van de Razzia waarin 75 Rotterdammers en Schiedammers vertellen over hun belevenissen.

De publicatie van Reis van de Razzia op het internet, de belangstelling in de pers voor het onderwerp en de feestelijke opening van de Stadskazerne eind 2015 levert een uniek decisive moment op waarin aandacht kan worden gegeven aan een bijzonder hoofdstuk in de geschiedenis van de Stadskazerne en aan de relatie tussen Kampen en de wereld.


De toekomst van de Van Heutszkazerne

Eind 2015 zal de Van Heutszkazerne de naam Stadskazerne gaan dragen. Met de naamsverandering vindt ook een nieuwe incarnatie plaats van het gebouw dat een volkomen nieuwe bestemming gaat krijgen. Het gebouw wordt het nieuwe onderkomen van het Gemeentearchief, Bibliotheek Kampen, het Gemeentearchief Kampen, RTV IJsselmond, de gemeentelijke archeoloog, de Stentor, een depot van het Stedelijk Museum Kampen en Historische Vereniging Jan van Arkel. Het gaat daarbij om:
‘Een verbinding tussen mensen; tussen jong en oud; tussen oude en nieuwe kennis; tussen heden en verleden; tussen fictie en feiten; tussen Kampen en de wereld’.


Tentoonstellingsontwerp ‘Reis van de Razzia door Kampen’.

Reis van de Razzia, de verhuizing van het Gemeentearchief en de opening van de Stadskazerne zijn drie elementen die op een natuurlijke wijze samen lijken te vallen. Om dit unieke moment te benadrukken hebben we het volgende tentoonstellingsproject ontwikkelt, gebaseerd op Reis van de Razzia in Getuigenverhalen.nl. Het voorstel betreft een tentoonstellingsobject dat binnenin de Stadskazerne geplaats kan worden na de opening. Naast het tentoonstellingsobject zijn er events met een educatieve functie.


Bekijk of download het ontwerp voor Project Expositie Kampen

De ‘Commons’ en de sharing economy

In het kader van Europese wetgeving gericht op transparantie komt er meer druk op de kleine coöperatieve verenigingen komt te staan. Ook de grote zorginstellingen stellen contractuele eisen waar kleinere coöperaties moeilijk moeilijk aan kunnen voldoen. (Bron: Researchgroep Institutions for Collective Action, Universiteit van Utrecht). Kleinere coöperaties in Nederland krijgen steeds moeilijker en worden incidenteel zelfs opgeheven. Voor instituten die zich oorspronkelijk op eigen kracht hebben moeten oprichten is deze bemoeienis moeilijk te verteren, zeker als hij eerder beperkend is dan stimulerend.

Een nieuwe waardering van het coöperatief erfgoed kan een goede stimulans zijn voor een sfeer van openheid waardoor er gezamenlijk kan worden gezocht naar antwoorden.
Er zal ook overeenstemming moeten zijn over wat de coöperatieve gedachte inhoudt.

Er is een plethora aan nieuwe initiatieven die misverstanden in de hand werken. Zo’n misverstand is dat ‘the sharing economy’ een vorm van ‘commons’ is en daarmee een soort cooperatie kan zijn. Brian Van Slyke en David Morgan stellen op hun website “Grassroots Economic Organizing’ dat: ‘Sinds de recessie zijn er meer en meer mensen op zoek naar economische alternatieven. Men zoekt naar mutuele oplossingen in plaats van de “het is ieder voor zich” filosofie. In de kern is de ‘sharing economy’ echter een regeling om de risico’s van bedrijven te verschuiven naar individuen met de bedoeling om enorme winsten op te strijken met lage vaste kosten’. Deze ‘sharing economy’ bedrijven behoren tot de oude extractieve economie maar werken onder de vlag van de nieuwe generatieve economie. Ze doen zich voor als commons, als coöperatieve bedrijven en instituten maar zijn het niet.

Deze verwarring van definities wordt onderschreven door prof. Tine de Moor van de Universiteit van Utrecht. Zij pleit voor een helder onderscheid waardoor de kwaliteiten van de coöperatieve beweging in onze veranderende verzorgingsstaat tot hun recht kunnen komen.
De cooperatieve beginselen zijn dus heel anders dan veel bedrijven die zich groeperen onder de sharing economy.

De definitie van een coöperatie volgens Rochdale is dat het een autonome vereniging is van personen die zich vrijwillig hebben verenigd om hun gemeenschappelijke economische, sociale en culturele behoeften te versterken door middel van gezamenlijk eigendom binnen een democratisch gecontroleerde onderneming of instituut, gereguleerd door met elkaar overeengekomen beginselen. Het gaat niet om de rechtsvorm coöperatie, als aan de beginselen tegemoet wordt gekomen, als aan de beginselen wordt beantwoord is er sprake van een coöperatie.

Het onderzoek ‘Kroniek van een Bazenbondje’ dat word uitgevoerd door Stichting Reis van de Razzia is medio september 2016 beschikbaar. Uit het verslag wordt verder duidelijk waar de traditie uit bestaat, hoe hij geworteld is in de samenleving en wat de historische verbanden en achtergronden zijn.